In de ban van de tweezet

Geplaatst op 10-02-2021 door Lars Slofstra

Maandag 8 februari organiseerde Hoogland het volgende oplostoernooi in een reeks. Dit keer was het toernooi eenvoudig gehouden, in die zin dat de opgaven slechts tweezetters bevatten. Hierdoor moest het mogelijk zijn dat ook oplossers die wat minder bedreven zijn in deze tak van sport een hogere score dan gebruikelijk konden behalen.
30 deelnemers mocht toernooidirecteur en probleemselecteur Wim Velker (ik dus) begroeten. Hieronder waren zes Belgische deelnemers – inmiddels ‘oude bekende’ op de online oplostoernooien van Hoogland – en, voor het eerst, drie deelnemers uit Duitsland, waarvan twee vrouwelijke.  


Een fraai internationaal gezelschap dat zich stortte op de negen opgaven waarvoor zoals gebruikelijk twee uur bedenktijd beschikbaar was. Alfred Gaasbeek, de winnaar van Hooglands KNOTH 2020 zes weken eerder, had die tijd niet nodig. Na 36 minuten reeds zond hij een foutloos blaadje op. Daar kon niemand meer aankomen, ook Johan Beije niet. Die meldde nog wel dat hij zich gehaast had omdat hij verwachtte dat Alfred ook snel zou oplossen, maar zijn resultaat – ook alles goed – kwam 18 minuten na dat van Alfred binnen. Beide heren zijn overigens regelmatige deelnemers in de internationale A-groepen.
Verrassend derde werd Ed Hoes. Ed is/was een regelmatig deelnemer aan de internationale  B-groepen, dus weet wel iets van oplossen, maar de tijden voor de pandemie was hij niet meer zo frequent op de toernooien aanwezig. Dit was zijn eerste Hoogland-oplostoernooi. Eds derde plaats hield Kobe Bleuzé, de Belgische B-groep voorvechter, voor de tweede keer in zes weken van het podium af. Bij het KNOTH 2020 moest hij landgenoot Peter Petri voor laten gaan met twee minuten tijdsverschil, en deze keer was het nog dramatischer: slechts één minuut verschil.
Beste regionale speler werd verrassend Gerben van Pel. Met zijn vader!! Gerben had gevraagd of hij een keer samen met zijn oude vader mocht spelen, wat ik, éénmalig(!), heb toegestaan. En het betaalde zich uit.
Britta Leib werd de beste vrouwelijk deelnemer met een zestiende plaats. Bovenaan in het rechter rijtje, zeg maar. Britta kennen we van haar deelname in de A-groep bij het ONOK in Nunspeet in 2019.
Er waren maar liefst zeven deelnemers die voor het eerst aan een online oplostoernooi van Hoogland mee deden. Hopelijk is het hen zo goed bevallen dat zij een volgende keer weer van de partij zijn.

Zoals gezegd was het een toernooi met niet al te zware opgaven. Toch waren er wel wat hindernissen, blijkbaar. Dat begon al met opgave één, waar tot mijn verbazing Pier Jaarsma over struikelde. Pier was (o.m.) winnaar van de B-groep van het ISC bij het Tatatoernooi 2020.

Het gaat om de volgende eenvoudige stelling van G. Carpenter, gepubliceerd in de Dubeque Chess Journal, in 1873.

Het mat in twee laat zich realiseren met de stille zet 1. Dh3. De zwarte koning heeft nu één veld maar wordt na dit te hebben betreden mat gezet: 1…Ke4  2. Tc4 mat. Opgemerkt zij dat 1. Dg3 niet werkt omdat er dan volgt 2. Tc4+ Kf5. Veld f5 wordt vanuit h3 in de gaten gehouden.

De moeilijkste tweezet was opgave zeven, een compositie van Udo Degener, die de vijfde prijs won op het Reiniers Memorial van 1990. Slechts de helft van de deelnemers kwam hier tot de juiste oplossing.

Verleidelijk in deze stelling is 1. Te3 wat enkele oplossers ook gaven.  Op 1…Txb4 is dan 2. Pe6 inderdaad mat, maar zwart heeft beter: 1…Lf3! Wat de andere matzet, 2. Pe2, verhindert. De correcte zet is het verrassende 1. exd6! met de dreiging 2. Pe6 mat. Na de tekstzet krijg je 1…Txb4  2. Pe6 mat, 1…g5  2. Dh8 mat, 1…Ld5  2. Txd5 mat.

Opgave negen, het zelfmat, zette ook menig deelnemer op het verkeerde been, vanwege een verrassende en venijnige finesse. Het gaat om een compositie van Wolfgang Pauly uit 1910, die verscheen in The White Rooks.

Bij een zelfmat wil wit dat zwart hem (wit) mat zet, maar zwart wil dat juist niet. Wit moet hem dus ‘dwingen’. Het is duidelijk dat zwart in het diagram wil verhinderen dat hij gedwongen wordt zijn f- of h-pion op te spelen omdat wit dan mat staat. Wit brengt zwart derhalve in tempodwang. Hij doet dat met 1. Te5 en nu 1…Kh7 (of 1…Kf7) 2. g8T! Nu kan de zwarte koning geen zet meer doen en moet hij wel mat geven met 2…f2 of 2…h2. Bijna alle deelnemers hadden de fraaie minorpromotie wel gezien, maar menigeen was met 1. Tf6 (of 1. Tf5)  begonnen, maar zwart heeft nu sterker, namelijk 1…f2+! waarna 2. Txf2 gedwongen is en het mat van de baan.

Wederom lieten de deelnemers weten hoe leuk ze het toernooi hadden gevonden. Dus: op naar het volgende, misschien nog in april voordat na de zomer het gevaccineerde leven weer een gebruikelijker vervolg zal krijgen.

Dit verslag is geschreven door Wim Velker, René van Alfen heeft de tabel verzorgd, de foto’s zijn door de deelnemers zelf gemaakt en Lars Slofstra heeft alles tot één geheel gesmeed. Iedereen dank.